Essay: Zet je tropenhelm af en kijk om je heen; Eldorado bevindt zich hier in Nederland!

Delen? Kies Je Platform!

Zwart Manifest – Op Weg Naar Zwarte Emancipatie 

In juni 2020 gingen meer dan 50.000 mensen de straat op in alle provincies van Nederland tijdens de #BlackLivesMatter protesten. De afgelopen tien jaar is er met de anti-zwarte piet beweging een beweging ontstaan die een vuist heeft gemaakt tegen institutioneel en anti-zwart racisme. Het besef groeit dat ook Nederland worstelt met zijn eigen erfenis van het koloniale verleden en dat dit aangepakt moet worden.

HET ZWART MANIFEST 
Vanuit deze beweging is 
het Zwart Manifest ontstaan: een ‘levend document’ met concrete adviezen en eisen van en voor Zwarte gemeenschappen over het aanpakken van racisme en ongelijkheid in verschillende sectoren zoals het onderwijs, de arbeidsmarkt en kunst en cultuur. Lees het via: www.zwartmanifest.nl.

De strijd om diepgewortelde structuren van ongelijkheid te doorbreken is een veelzijdige strijd en strekt zich uit tot alle terreinen van het maatschappelijk leven.Hoe kunnen we diepgewortelde structuren van ongelijkheid doorbreken? Wat is de rol van kunstenaars, creatievelingen en schrijvers om verandering teweeg te brengen? Hoe kunnen we samen de beweging in gang houden om het Zwart Manifest te manifesteren?

Het manifesteren van het manifest
Kunstenaars Chimira Obiefule, Rossel Chaslie en het duo Jonathan Hoost en Youandi  hebben op een creatieve manier uiting gegeven aan het manifest. Schrijvers Akú Anan, Bart Krieger, Jillian Emanuels, Mungayende Helene Christelle, Phaedra Haringsma, Princess Attia & Sherilyn Deen schreven vanuit verschillende perspectieven over Zwarte gemeenschappen in Nederland. 
Het ruimtelijk ontwerp is gemaakt door Setareh Noorani en Jelmer Teunissen. 

De expositie is het resultaat van de open call ‘Manifesting Systemic Change Through Creative Waves’, georganiseerd door Nederland Wordt Beter, New Urban Collective/The Black Archives en Black Queer & Trans Resistance NL in samenwerking met BAK, basis voor actuele kunst, Utrecht.

Van 27 oktober t/m 16 januari 2021 is de expositie ‘Black Manifesto: het manifesteren van verandering’ te bezoeken bij OSCAM in Amsterdam Zuidoost. Lees alle essay’s via www.zwartmanifest.nl.

Essay: Zet je tropenhelm af en kijk om je heen; Eldorado bevindt zich hier in Nederland!
Auteur: Bart Krieger 

​​Persoonlijke bespiegelingen, boskopus1 en andere zaken die het delen waard zijn. Onder andere naar aanleiding van het gebrek aan diversiteit en inclusie in de Nederlandse beeldende kunst- en erfgoedsector en mijn gastcuratorschap van de tentoonstelling Surinaamse School in het Stedelijk Museum.

Dit essay alakondre-style2 heeft een meervoudig, artistiek en experimenteel karakter. Hiermee bevrijd ik mezelf van de Westerse lineaire essayvorm met een klassieke bibliografie vol titels geschreven door witte mannen. Ik breek hiermee om ruimte te gegeven aan mijn eigen Afro-Surinaamse tradities, mijn jeje3 en om de orale overleveringen van de voorouders door te geven.

Surinaamse School bestaat!
Met het voorstellen van de werktitel ‘Surinaamse School’ gooide ik de knuppel in het hoenderhok.4 Met deze ‘brutale’ titel stuurde ik, binnen de werkgroep voor de tentoonstelling over Surinaamse schilderkunst, aan op een kwalitatieve(her)waardering van Surinaamse beeldende kunst in Nederland.5 Het was mijns inziens een regelrechte uitdaging aan het adres van het Nederlandse beeldende kunstveld en het Nederlandse publiek. De kunstcritici die de handschoen hebben opgepakt zijn op slechts één hand te tellen (en geen van allen zwart!). Het credo ‘eerst the West en dan de rest’ voldoet niet meer in de huidige tijd.6 De Surinaamse School, ofwel de Caraïbische School waar zij deel vanuit maakt, verdient een plek binnen de canon van de Westerse kunstgeschiedenis.7

-Leeswijzer van dit essay alakondre-style

In dit essay deel ik ruim 30 jaar ervaring in de kunst- en cultuursector oa als danser, performer, kunstrecensent, curator en beleidsadviseur, en belicht ik enkele aspecten van het maakproces van de tentoonstelling. De waarderingsanalyse van het Stedelijk museum is nog niet afgerond. Toch zie ik een groot verschil tussen de receptie van Surinaamse School door de pers en die van het wit en zwart publiek. Zo heeft het witte publiek de tentoonstelling Surinaamse School vooral met het hoofd bekeken en het Surinaamse publiek met het hart.8

-Ruim baan voor orale tradities in essays

De paragrafen in dit essay (elk voorzien van een titel) zijn te beschouwen als schakels van de typisch Afro-Surinaamse alakondre-ketting.9 Alakondre is een begrip uit de winti-filosofie en betekent letterlijk: samengesteld uit elementen van ‘alle landen’. In dit essay staan de ‘schakels, symbolen en kralen’ enerzijds voor literatuuronderzoek en praktijkervaringen, anderzijds bevatten ze minder grijpbare zaken zoals inzichten en boskopus10 die ik wil delen uit het ‘emotioneel archief van verbondenheid’, zoals Gloria Wekker dat noemt11. Deze tweeledigheid valt samen met mijn eigen ‘dubbelbloed-situatie’ waarbij ik put uit ‘Westerse’ en niet-Westerse literatuurstudies, maar ook ruimte maak voor niet-Westerse (orale) overleveringen. De alakondre-style manifesteert zich ook in de meervoudige titel en de heterogene bibliografie.12 In feite breek ik met de Westerse conventies als het om het (kunsthistorische) essays gaat. Net als mijn Afro-Surinaamse vader dat vroeger deed als hij kookte, schuif ik de ‘klassieke’ receptenboeken aan de kant en ga ik verder op intuïtie en eigen smaak.

-Bevrijding van het Sranan Tongo en Surinaamse kunst

De essay alakondre-style is alles behalve Eurocentrisch. Kernwoorden van deze essayvorm zijn wat mij betreft: pluriformiteit, flexibiliteit, bezieling, speelsheid, ‘realness’, en ‘swagger’. Deze modulaire vorm en kernwoorden, die naadloos aansluiten bij het zapgedrag van de huidige TikTok-generatie, liggen ook ten grondslag aan bijvoorbeeld het ‘Sranan Tongo’. Deze door tot slaaf gemaakte ontwikkelde taal is ontwikkeld uit vermenging van meerdere talen en verbonden met een eigenzinnige grammatica.13 Bij de alakondre-gedachte uit de winti-spiritualiteit is het ‘key’ om open te (blijven) staan voor-, en zelfs het actief verwelkomen van, invloeden van buitenaf.14 Een unieke houding als het gaat om geloof, spiritualiteit en levensfilosofie.15

Dit alles geldt logischerwijs ook voor de Surinaamse beeldende kunst. Dit leerde ik mede van  Monique Nouh-Chaia (directeur Readytex Art Gallery) en theatermaker Alida Neslo die succesvol met dit waardevolle begrip aan de slag gingen op weg naar de formulering van een Art Manifest voor Surinaamse beeldende kunst.16

Mijn ‘verzet’ binnen het kunsthistorisch discours 
De titel Surinaamse School zou misleidend zijn volgens een artikel dat in tijdschrift Museumvisie verscheen. De Surinaamse School zou niet bestaan, want deze kenmerkt zich niet door een eenduidige stijl. Dit vind ik een vrij Eurocentrische gedachte. Als de Surinaamse School niet past binnen de Westerse kunsthistorische opvatting van de scholen en stijlenleer is het tijd deze aan te passen. Het ‘Alakondre’ concept kan hierbij helpen en is misschien wel een antwoord op het postmodernisme. Immers, de interculturele samenleving heeft vele honderden jaren langer kunnen rijpen in Suriname dan in Nederland.

-Beste lezer
Voel je dus vrij om naar wens paragrafen over te slaan. Dit essay is op meerder manieren te lezen omdat het niet lineair van aard is. Je kunt het bij wijze van spreken ook achterstevoren lezen. Elk onderdeel bevat een eigen boodschap en gezamenlijk vormen de boodschappen en schat aan kennis die ik wil doorgeven op het gebied van inclusie en diversiteit met een focus op Personeel en Programmering. Ik zie het als mijn persoonlijke wij-in-de-beeldende-kunst-wereld-bevinden-ons-hier-meting.50

Surinaamse Kunstschatten; the golden ticket
Nooit eerder heb ik me zo gezien en gewaardeerd gevoeld als bij het maakproces van de tentoonstelling Surinaamse School in het Stedelijk Museum. Op 8 mei 2019, in een van de directeurloze tijdperken en ruim een jaar voor de Black Lives Matter protesten, werd ik door Claire van Els (conservator Stedelijk Museum) uitgenodigd voor een kennismakingsgesprek in het museum. Mijn boek ’50 Surinaamse kunstschatten’ lag op tafel en al vroeg in het gesprek bleek dat deze publicatie mijn ‘golden ticket’ was voor een plek in het curatorenteam. 50 Surinaamse kunstschatten is een bundeling van artikelen over Surinaamse kunstwerken die ik tussen 2010 en 2014 schreef voor opinieblad Parbode. Met deze artikelen die een vast format hadden, wilde ik: 1. de wereld laten kennismaken met Surinaamse kunst, 2.  ‘de Surinamer’ leren kijken naar kunst en 3. ‘de Nederlander’ kunst laten ‘voelen’. Het interculturele karakter van het boek sprak Van Els blijkbaar aan, alsook de vrije associaties die ik in elk artikel maakte met de popcultuur en de Westerse en niet-Westerse kunstgeschiedenis.

-Voortbouwen op kunsthistorische fundamenten
Gezamenlijk heeft de werkgroep ‘Surinaamse School’ een tentoonstellingsconcept afgeleverd waar we unaniem achter stonden met als vertrekpunt onder andere de tentoonstelling en publicatie ’20 jaar Surinaamse beeldende kunst’, samengesteld door Chandra van Binnendijk en Paul Faber. Onze ambitie ging echter verder dan het presenteren van een waaier aan kunstwerken en kunstenaars waardoor we besloten de chronologie op key-moments te onderbreken met thema-zalen die onderwerpen aansneden als: dekolonisatie van het christendom, black holocaust, de marronage in beeld gebracht, black is beautiful en activisme van zowel de Aziatische- en Afrikaanse diaspora. Hierbij bouwden we voort op onderzoek en presentaties van Surinaamse kunstenaars, kunstverzamelaars, kunsthistorici en kunstliefhebbers van Surinaamse beeldende kunst waaraan wij schatplichtig zijn.17 Met het vertrouwen dat we elkaar gaven, kon de werkgroep boven zichzelf uitstijgen.

Het Amanda Gorman tijdperk 
De Black Lives Matter-beweging heeft de wereld wakker geschud en opnieuw aandacht gevraagd voor de systematische achterstelling van niet-witte mensen in het algemeen en zwarte mensen in het bijzonder. Dat de Amerikaanse president Joe Biden daarvan doordrongen was, bleek onder andere uit het feit dat hij spoken word artist Amanda Gorman uitnodigte om deel uit te maken van de inaugurele rede. Met haar optreden schreef Amanda Gorman geschiedenis. Gorman zal voor de rest van haar leven de opdrachten voor het uitkiezen hebben. Dit alles simpelweg omdat Joe Biden zich heeft opgesteld als bondgenoot van BLM. En zie het resultaat als je ‘de ander’ slechts een klein beetje ruimte gunt. Want het talent en de kwaliteit zijn er. Nu nog de fysieke en virtuele ruimte. Dit betekent overigens niet dat witte mensen hun plek aan de tafel verliezen; schuif meer stoelen aan en zet er hier en daar een tafeltje bij.

Boskopu: BLM! 
De BLM ‘boskopu’18 is niet volledig ingedaald in Nederland. Dat werd duidelijk met de rel rondom de vertaling van Amanda Gorman’s voordracht ‘The Hill We Climb’. Begin dit jaar maakte Uitgeverij Meulenhoff bekend een speciale Nederlandse editie van ‘The Hill We Climb’ en andere gedichten vertaald door Marieke Lucas Rijneveld uit te willen geven. Omdat Rijneveld geen spoken word artist is, geen vertaler én, misschien wel het belangrijkste, wit is, liet zwart Nederland van zich horen, onder aanvoering van Janice Deul die op 25 februari in de Volkskrant schreef: “Niets ten nadele van Marieke Lucas Rijneveld, maar die schrijver is niet de beste persoon om poëzie van Amanda Gorman te vertalen: Black spoken word artists matter, ook van eigen bodem.19 De afsluiting van Deuls artikel spreekt boekdelen: ”Agenten, uitgevers, redacteuren, vertalers, recensenten van Nederland, verruim uw blik en treed toe tot de 2020’s. Be the light, not the hill. Omarm de mensen die maar mondjesmaat deel uitmaken van het literaire systeem, heb oog voor de genres die van oudsher niet tot de canon worden gerekend en laat uw ego niet prevaleren boven de kunst. Ook talent van kleur dient gezien, gehoord en gekoesterd te worden. Breng ook hun werk uit, huur ook hen in en stel daar een passende vergoeding tegenover. Black spoken word artists matter. Ook als ze van eigen bodem zijn.” 20

Dit is precies de kern van dit essay alakondre-style. Want Deuls oproep geldt, wat mij betreft, ook voor de gehele beeldende kunst-, museum- en erfgoedsector!21 Waar het zaak is dat witte professionals een stap opzij zetten om zo ruimte te maken voor zwart talent en zwarte professionals, ongeacht hun leeftijd.22 Want die zijn er! Wat ik ook zie is dat witte onderzoekers zich gretig storten op het Caraïbische en Afrikaans erfgoed. Aan hen wil ik zeggen: ‘maai niet al het gras weg voor de voeten van je zwarte collega’s. Zet je tropenhelm af.23

Want als kunsthistoricus met een specialisatie op het gebied van Surinaamse/Caribische kunst moet ik maar hopen op Surinaamse School deel II, of dat men mijn naam noemt als Felix de Rooy, Razia Barsatie of Quinsy Gario ergens een solo krijgen. Immers voor een tentoonstelling over een willekeurige witte Europese kunstenaar zal ik niet worden gevraagd.24

Mijn intersectionele realiteit 
Dat de wereld niet draait om mensen zoals ik, werd me op verschillende key-moments in mijn leven duidelijk gemaakt. De eerste confrontatie vond plaats op de eerste lesdag van de eerste klas. Ik was zes jaar en in het speelkwartier op het schoolplein kwam er een blonde jongen naar me toe. Zonder introductie schold hij mij uit voor ‘bruine kip’. Het klinkt nu super kinderachtig, maar ik was tot in het diepste van mijn ziel getroffen. Totaal overstuur vertelde ik dit huis aan mijn wit Nederlandse moeder. Ik kon mijn tranen niet bedwingen en was gekwetst en boos. In haar reactie vond ik niet de troost die ik zocht. Haar antwoord was van oudtestamentisch aard: ”Als hij je voor ‘bruine kip’ uitscheldt dan scheld je hem toch uit voor ‘witte kip!’. Ongetwijfeld probeerde mijn moeder mij weerbaar te maken voor ‘het leven’, ook al heb ik me zelden zo onbegrepen en ‘anders’ gevoeld. Dit was mijn eerste traumatische ervaring gebaseerd op mijn niet-witte huidskleur. Dat ik na al die jaren de naam van die ‘witte kip’ nog ken, bewijst dat mijns inziens. Dus, Phillip: bedankt dat je de strijder in mij hebt doen ontwaken! Trouwens, voor al die mensen die mijn ‘zwartheid’ niet her-, en -erkennen of vieren: zelfs een kleuter ziet deze!

BLM & Black iconoclasme 
Het filmpje van Darnella Frazier ging de hele wereld over. Dat er op deze aarde zoiets bestaat als politiegeweld is bekend, maar nog nooit heeft de wereld een dergelijke ‘executie’, in dit geval van George Floyd op 25 mei 2020, van zo dichtbij meegemaakt. Zowel Floyd als Frazier waren zwart. De agenten overwegend wit.25

En toen was er de (zwarte) beeldenstorm. In de Verenigde Staten en later ook in andere landen, op elk continent, werden standbeelden van hun sokkels getrokken. Dit lot viel de beelden niet ‘at random’ ten deel. Nee, de beelden werden met chirurgische precisie geselecteerd op basis van hun ‘cv’. Het gros van de verbeelde helden van weleer (lees: goed bemiddelde witte mannen) hebben bloed aan hun handen kleven. Als men deze ‘helden’ onder de loep neemt, oogst je slavernij, genocide en ontelbare misdaden tegen de mensheid. Kortom, niet te rijmen met de tegenwoordige tijd waarin de vrijheid van het individu, emancipatie, anti-racisme en de intersectionele realiteit centraal staan.

Als kunsthistoricus, kunstliefhebber en bruggenbouwer zou ik nooit een beeld van zijn sokkel kunnen trekken, maar toen het gebeurde dacht ik: Ja, dit moest gebeuren! Tijd voor revolutie en ‘zwarte verlichting’ in de kunstwereld, die altijd maar achter de feiten lijkt aan te lopen. Welke overheid, of presentatie-instelling/museum pakt deze kans en gidst ons naar een nieuwe gezamenlijke horizon met nieuwe helden? Zo verdient Darnella Frazier, als een moderne versie van de Drentse ‘Bartje’, in mijn ogen een standbeeld. Zij legde de vinger namelijk op de zere plek. Wie gaat de Black Art Matters dialoog faciliteren? Het Stedelijk Museum, het Van Abbe, OSCAM, The Black Archives of misschien een combinatie van dergelijke instellingen?

Bekennen musea nu eindelijk kleur? 
De meerderheid van de besturen, raden van toezicht en directies van Nederlandse museale-, erfgoed- en andere presentatie-instellingen zitten nog vast in een postkoloniale setting. Men zegt ‘kleurenblind’ te zijn, iedereen gelijk te (willen) behandelen en te selecteren op kwaliteit. Echter, als je iedereen gelijk behandelt in een samenleving gebouwd op institutioneel racisme, dan houd je de raciale ongelijkheid in stand. Niet iedereen heeft in dit speelveld gelijke kansen.26 Op projectbasis vindt diversiteit en inclusiviteit een plek in de kunstsector, maar een wezenlijke, structurele verandering is uitgebleven. Dit probleem vereist radicale actie!

Daarom werd mijn ziel gestreeld toen ik door Aspha Bijnaar, initiator, gevraagd werd om deel te nemen aan Musea Bekennen Kleur.27 Ik werd lid van de expertgroep, die fungeerde als ‘luis in de pels’ en gesprekspartner van de doorgaans witte directie- en stafleden.28 Wat mij opvalt is dat de deelnemende musea ondanks hun ‘koudwatervrees’ niet meer overtuigd hoefden te worden over het ‘waarom’ van diversiteit en inclusie. We gingen daardoor vrij snel van start met de vervolgvragen: hoe, met wie en voor wie?29 Onlangs hebben de musea die zich bij MBK hebben aangesloten zich in ‘de verbintenis’ expliciet uitgesproken tegen institutioneel racisme en alle andere vormen van discriminatie.30

-Vergeet het kader niet!
Net als zwarte kunstenaars is ook het zwarte kader decennia lang genegeerd en tot op de dag van vandaag buitenspel gezet. Het kader bestaat uit zwarte onderzoekers, recensenten, curatoren, publicisten, podcast makers, vloggers, programmamakers et cetera.

Bovendien is de rol van curator doorgaans fulltime vergeven aan een wit talent en wordt er met regelmaat zwarte talenten ‘ingevlogen’. Hiermee stelt het museum of presentatie- instelling zich naar mijn mening op als rokkenjager. Democratiseer deze functie en laat bijvoorbeeld alle talenten wit en zwart rouleren, eventueel in gezamenlijk verband met een cluster van musea. Zo creëer je ook voor zwarte talenten een zekere continuïteit en blijft het niet bij een ‘one-night-stand’ om het ‘diversiteitsniveau’ van een wit museum op te krikken.31

Aanleg collectie Surinaamse School 
Het was sensationeel om op de hoogte gesteld te worden van de nieuwe aanwinsten uit de tentoonstelling Surinaamse School. De meesterwerken van onder anderen Soeki Irodikromo, Cliff San a Jong, Quintus Jan Telting, Rihana Jamaludin en René Tosari zullen schitteren in de collectie van het Stedelijk Museum.32

Eenieder die het wilde horen heb ik ongevraagd geadviseerd om de werken niet te laten verstoffen in het depot. Zo heb ik in het Stedelijk aangegeven dat het werk van Soeki Irodikromo, met een niet te onderkennen post-CoBrA ‘feel en look’, een waanzinnige aanvulling zou zijn op de CoBrA-werken in de vaste opstelling van het museum.

Want vergis je niet, met het aanleggen van een collectie Surinaamse School committeert het museum zich aan het verder onderzoeken en het presenteren van kunst van de Surinaamse Aziatische- en Afrikaanse diaspora in hun onderzoeksbeleid en programmering.

Surinaamse School ‘buiten spel’ zonder waardeoordeel 
Ik was niet onder de indruk van de receptie van Surinaamse School in de pers. Ook al hebben nagenoeg alle kranten en tijdschriften er aandacht aan besteed. Er werd vol lof gesproken over de ‘inhaalslag’ die het Stedelijk Museum maakte met Surinaamse School. En ‘oh wat geweldig dat het nu gebeurt’. Maar er knaagt iets.

De oplettende lezer van de artikelen bespeurt een omissie: geen enkele krant heeft een inhoudelijk waardeoordeel geveld. Daar zat ik toch echt op te wachten: een kwaliteitsoordeel van het kunsthistorisch onderzoek dat op de schouders rustte van Claire van Els (Conservator Stedelijk Museum) en ondergetekende. Het zou helemaal mooi zijn geweest als er ook commentaar kwam op de unieke inbedding en bundeling van dit onderzoek met de vakdisciplines die de andere werkgroepleden meebrachten, waaronder museologie, politicologie en anthropologie, en of dat al dan niet leidde tot synergie. Er volgde een oorverdovende stilte op dat vlak. Ook al werd deze tentoonstelling in het NRC door Hans den Hartog Jager betiteld als ‘een ijkpunt’.33

-Fufuru34
Waar de pers zich ook schuldig aan heeft gemaakt is het tot zich nemen van intellectueel gedachtengoed. Zo is menig journalist aan de haal gegaan met mijn kunsthistorische onderzoek en iconografische vondsten die ik mondeling deelde tijdens de persvoorbezichtiging in het museum. Als je hun stukken leest, lijkt het wel of zij zelf zich jarenlang verdiept hebben in Surinaamse kunst en grote affiniteit hebben met Afro-Amerikaanse cultuur. Op een uitzondering na bleef mijn naam onvermeld. Dat kan echt anders.

-Hoe zwart talent onzichtbaar blijft
Ik zie een parallel van het negeren van het kader in de manier waarop het merendeel van de zwarte kunstenaars is genegeerd door het gallerie- en museale circuit in de jaren 1960, 1970 en verder. Doordat Surinaamse School in de pers als diversiteitsvraagstuk is benaderd, bleef een kwalitatieve inhoudelijke waardering uit. Hierdoor bleef de werkgroep van curatoren vrij onzichtbaar. Of dit nu moedwillig gedaan is of niet, het niet zichtbaar maken of onzichtbaar houden van zwart talent is een bekend mechanisme van systematisch racisme. Dit fenomeen is uitvoerig beschreven in bijvoorbeeld ‘Witte onschuld’ van Gloria Wekker, ‘Uitsluitingsmechanismen, Blaka Tara en Afrofobie’ door Berryl Biekman en ‘Hallo witte mensen’ van Anousha Nzume.

Een aantal redenen kunnen hieraan ten grondslag liggen: de kunstredacties zijn onvoldoende bekend met Caribische, niet-witte Nederlandse kunst, of men kiest ervoor zwart talent in de kiem te smoren door ze te negeren. Deze ‘kleurenblindheid’ is hardnekkig en is de kern van white privilege.35

Onlangs nog, op 27 maart 2021, maakte Jimmy Fallon van The Tonight Show zich hier schuldig aan. Hij liet een danseres viral TikTok dansjes uitvoeren voor zijn miljoenenpubliek. Echter, de danseres was wit en de choreografen van deze TikTok’s nagenoeg allemaal zwart. Hierop volgde een backlash die resulteerde in excuses en een live showcase en interviews met de zwarte talenten die de dansje hebben gecreëerd. Zo simpel is de fout gemaakt, maar belangrijker nog, zo simpel is die opgelost! Geef grani aan wie grani toekomt. Smijt je ‘holle tolerantie’ in de kliko en omarm ‘de ander’.

More is more! 
‘Less is more’ is een gevleugelde uitspraak binnen de internationale (Westers georiënteerde) kunstwereld, die gebruikt wordt om de strakke lijn en ruimte te laten domineren in kunst, architectuur en vormgeving. In feite is dit een uitsluitingsmechanisme voor kunst uit niet- Westerse landen. Ik noem het de ‘apartheid’ binnen de kunstgeschiedenis en het equivalent van ‘doe maar gewoon, dan doe je al gek genoeg’. Deze focus staat lijnrecht tegenover de uiting van welke culturele groep dan ook in Suriname. Al deze culturen staan bekend om hun ‘horror vacui’ en stofferen elk vlak met, boskopus, symbolen en betekenis. Dus het motto van de tentoonstelling Surinaamse School moest mijn inziens zijn: ‘More is More’, wat naadloos aansluit op de alakondre-gedachte. Met deze opdracht is vormgeefster Serana Angelista aan de slag gegaan, wat heeft geresulteerd in een tentoonstellingsvormgeving met een schitterend rijk kleurenpallet dat de zalen verbindt. ‘More is more’ is ook het uitgangspunt van het hangschema36 dat we toepasten in de tentoonstelling.

Winti & slavernij binnen Surinaamse School 
Een van de hoogtepunten van Surinaamse School was voor mij de keti-koti-tour die ik initieerde met wintipriesteres Marian Markelo. Met haar heb ik, al lopende door de tentoonstelling, aspecten uit de winti en de transatlantische slavernij besproken. We zijn dieper ingegaan op hoe kunstenaars met deze thematiek zijn omgegaan en hebben onder andere ‘Maysa’ (moeder aarde), een boswinti, ‘ogri ai’ en een ‘yorka’ in het oeuvre van verschillende kunstenaars besproken en geanalyseerd.37

Het klinkt misschien niet noemenswaardig, maar in de wereld van de Surinaamse kunstgeschiedenis staat dit wat mij betreft gelijk aan het kraken van de Davinci-Code.

Ben je een jongen of een meisje?38 
Winti is ook voor mij persoonlijk een bron van inspiratie en kracht. Dat zal ik uitleggen. Een belangrijke confrontatie die me in mijn intersectionele realiteit trok, is niet veroorzaakt door één persoon, maar door meerdere. Het waren vrienden en familie van onze ouders die door de jaren heen op verjaardagsbezoek kwamen bij ‘de tweeling’. De tweeling bestaat uit mijn fabulous sister Susan en ondergetekende. De mensen die ons vaag of niet kenden wisten dat de tweeling uit een jongen en een meisje bestond. Tussen ons vierde en elfde levensjaar werd mijn zus steevast voor het jongetje aangezien en ik voor het meisje. Het hielp natuurlijk niet dat ik soms nagellak droeg en dat mijn zus haar haar kort droeg en gek was op voetballen.

Ik vond daarvoor een mooie houvast binnen de winti. Je kra, of ziel, bestaat uit een mannelijk en een vrouwelijk element.39 Het vrouwelijke deel is bij mij simpelweg sterker. En omdat ik dat deel, mijn queerness, nooit heb verstopt of afgezwakt, put ik daar tot op de dag van vandaag veel kracht uit. Met mijn Intersectionaliteit sta ik niet in het centrum van het universum, maar het stelt mij wel in staat om vanuit de marge het geheel te observeren, analyseren en in dit geval te becommentariëren.

Pilot Kunst Toko 
Het overlijden van kunstenaar Soeki irodikromo op 18 augustus 2020 sloeg in als een bom. De kunstwereld in Suriname, Nederland en daarbuiten was in diepe rouw. Nog geen half jaar daarvoor zaten Claire van Els (conservator Stedelijk Museum) en ik bij deze Surinaamse meester op de veranda in Paramaribo. Het is ontzettend jammer dat hij zijn eigen werk niet heeft kunnen bewonderen in het Stedelijk. Net zoals het merendeel van de Surinaamse kunstenaars die kans nooit heeft gekregen.40

Dit heeft mij extra aangespoord om te starten met het maken van tv-portretten van Caribische kunstenaars waarin zij hun ervaringen en artistieke werkpraktijk delen.41

Samen met Wessel Haaxman met wie ik televisie-items maak voor het lokale gaystation van Salto Amsterdam heb ik, met de middelen die ter onze beschikking stonden, een pilot gemaakt met kunstschilder Frank Creton in de hoofdrol. Met een dergelijke serie wil ik een basis leggen voor de verdere bestudering en het tonen van de Caribische beeldende kunst. In de tentoonstelling Manifesting the Manifest zal de pilot ‘Kunst Toko’ te zien zijn. [a]

Stop hitting snooze! 
De BLM beweging is not a wake-up call. The alarm has been going off since the start of trans-atlantic slavery and white people, empires, kingdoms, governments and institutions keep hitting the ‘snooze button’. ‘It’s time to wake up!’

Vallen, opstaan en winnen als olympiër Sifan Hassan? 
Naar mijn mening hoeven we niet hoeven te wachten totdat de Westerse kunstcanon zich opent voor de Caribische- of Surinaamse School.42 Zwart Caribisch Nederland vindt zijn eigen weg met instellingen en initiatieven, zoals Black Achievement Month, Keti-Koti Maand, OCAN (Organisatie voor en door Caribische Nederlanders), Vereniging Ons Suriname, Werkgroep Caraibische Letteren, Vereniging Antilliaans Netwerk, Imagine IC, NiNcee, Johan Ferrier Fonds, OSCAM, The Black Archives, Omroep Zwart en X, Galerie 23, Afro Magazine, Opinieblad Parbode, de Hiphopschool, Pata, Daily Paper en het het aanstaande Slavernijmuseum, Suriname Museum en Winti-instituut NIRASԐ.43

Velen hebben de Olympische race van Sifan Hassan gezien; ze viel, stond op en kwam als eerste over de finish. Mijn advies aan de overheden zou zijn om de hiervoor genoemde, en vergelijkbare, initiatieven te steunen, te koesteren en te omarmen, om net zoals Sifan Hassan vanuit een achterstandspositie door te stoten naar de kopgroep van gidslanden op het gebied van black emancipation.44 Want Nederland heeft opnieuw goud in handen45 met het unieke cluster van ‘black excellence’, bestaande uit zelfstandige talenten, zwarte kennisinstituten, organisaties en presentatie-instellingen waarin zwarte cultuur, religie, geschiedenis, levensfilosofie en beeldende kunst in al haar facetten zijn geborgd, en die tot monumentale proporties kan uitgroeien. Voor mijn gevoel vat Amanda Gorman de conclusie van dit essay prachtig samen in de laatste regels van ‘The hill we climb: ”Als de dag aanbreekt en we uit de nacht ontwaken, vrij van angst en blakend. De ochtend bloeit vrij van pijn, want er is altijd licht. Als we de moed hebben het te zien en als we de moed hebben het te zijn!”46
Bronnen geschreven, transgenerationele boskopus en anderszins

Orale overdracht

  • Overlevering van mijn Creoolse vader Eddy Willem Krieger. Hij was een storyteller avant la lettre en kon op familiebijeenkomsten en feestjes het publiek boeien met schurende verhalen en anekdotes over de slavernij en ‘colorisme’.
  • Gesprekken met wintipriesteres Marian Markelo.
  • Gesprekken met mijn neef Frank Consen, behoorde tot de eerste groep talenten die Nola hatterman ontdekte in het Suriname van de jaren 1950.
  • Gesprekken met de werkgroep ‘Surinaamse School’.
  • Persoonlijke ervaringen met mijn familie in caribische gebied, de Verenigde Staten, Zuid Afrika en in Nederland.
  • Diverse gesprekken met Surinaamse kunstenaars en collega onderzoekers.

Surinaamse School audiovisueel

  • 2016, VPRO Documentaire, ‘Wit is ook een kleur’, Sunny Bergman
  • 2020, Surinaamse School opening 11 december 2020
  • https://www.youtube.com/watch?v=i-02ffyiMnE
  • 2020, Online toer Surinaamse School door curatoren team
  • https://www.youtube.com/watch?v=SjgQn8BuI-w
  • 2020/2021 Podcast serie ‘Surinaamse School ontwikkeld door Vinny Tailor en Shay Kreuger: De kunstgeschiedenisles die je nooit hebt gehad’. In drie afleveringen vertellen presentator Shay Kreuger en enkele tentoonstellingsmakers, kunstenaars en andere betrokkenen over de geschiedenis van de Surinaamse kunstscene. Luister via Spotify of de website van het Stedelijk Museum Amsterdam.
  • 2021, Keti koti toer Surinaamse School met wintipriesteres Marian Markelo
  • https://www.youtube.com/watch?v=GlTvyqXZeyg
  • 2021, Surinaamse School toer met oa. Frank Creton
  • https://www.facebook.com/watch/?v=3890320154400330
  • 2021,Talkshow Surinaamse School
    https://www.youtube.com/watch?v=HEoWB2trBHI

Literatuur

  • 2016, ‘White Innocence, Paradoxes of  Colonialism and Race’, Duke University Press, Gloria Wekker.
  • 2017, ‘Hallo witte mensen’, Amsterdam University Press B.V., Anousha Nzume.
  • 2018, ‘Uitsluitingsmechanismen, Blaka Tara en Afrofobie, het belang van politieke wil en rechtvaardig bestuur’, LM Publishers, Berryl Biekman.
  • 2021,’The Hill We Climb’, Amanda Goreman, Meulenhof, Nederlandse vertaling Zaïre Krieger
  • 2021, 25 februari, Volkskrant, Janice Deul: https://www.volkskrant.nl/columns-opinie/opinie-een-witte-vertaler-voor-poezie-van-amanda-gorman-onbegrijpelijk~bf128ae4/

Eindnoten

1.  Boskopu betekent ‘boodschap’ in het Sranan Tongo, een Surinaamse taal.

2.  Alakondre betekent ‘(van) alle landen’ in het Sranan Tongo.

3.  Jeje betekent ‘ziel’ in het Sranan Tongo.

4.  The exhibition Surinamese School (11-12-2020 – 31-5-2021) was a celebration of Surinamese painting in all its diversity and depth held in the Stedelijk Museum Amsterdam. Presenting over 100 artworks by 35 artists, Surinamese School explored the key themes and narratives at the heart of Surinamese painting from 1910 to the mid-1980s. Depictions of Surinamese history, spirituality and everyday life, alongside forays into abstraction, and social change, gave shape to artistic developments.

5.  Het curatoren team bestond uit drie mensen werkzaam bij het Stedelijk Museum: Claire van Els (conservator), Carlien Lammers (Diversiteit & Inclusie), Inez Blanca van der Scheer (Studio i) aangevuld met vier externe curatoren: Ellen de Vries (publicist en biograaf Nola Hatterman), Jessica de Abreu & Mitchell Esajas (Initiatiefnemers van The Black Archives) en ondergetekende, Bart Krieger (publicist en onafhankelijk kunsthistorisch onderzoeker en oprichter Kunst Toko BAM!).

6.  Deze gevleugelde uitspraak leen ik van Wayne Modest, director of Content for the National Museum of World Cultures and the Wereldmuseum, Rotterdam and head of the Research Center of Material Culture, die deze uitspraak deed in de mini docu ‘Kirchner en Nolde: Expressionisme. Kolonialisme in het Stedelijk Museum.

7.  Dit lijkt haaks te staan op de beweging die Surinaamse kunst juist wil losscheuren van het Eurocentrisme en wil contextualiseren in de eigen Caribische regio. In mijn visie is dit een dubbelzijdig mes. Hiermee bedoel ik dat je twee soorten activisme nodig hebt om voorwaarts te gaan: Activisme dat (ver)breekt en activisme dat (ver)bindt.

8.  In nog niet afgerond onderzoek van het Stedelijk Museum lijkt de publieke waardering van Surinaamse School zich te bewegen richting ‘bovengemiddeld goed’.

9.  Winti is is een traditionele AfroSurinaamse religie en levensfilosofie. Ten tijde van de transatlantische slavernij namen de tot slaaf gemaakten afkomstig uit verschillende gebieden van West Afrika hun verschillende levensfilosofieen mee naar Suriname. Op de Surinaamse plantages werden deze religie’s doorontwikkelt tot Winti. Winti kent (nog) geen centraal gezag.

10.  Hierbij kun je denken aan bijvoorbeeld intergenerationeel overgedragen boskopus/odo’s, wintirituelen en gebruiken, anansi verhalen en liederen/gedichten.

11.  Dit begrip introduceerde Gloria Wekker in Nederland in haar publicatie ‘Witte Onschuld’.

12.  De notatiewijze van deze lijst begint met de jaartallen om het tijdsgewricht en actualiteit van dit stuk te onderstrepen. Met dank aan Quinsy Gario.

13.  Sranan Tongo is een geheimtaal die in Suriname door de tot slaaf gemaakte Afrikanen en Creolen op de plantages is ontwikkeld. Door het combineren van verschillende talen op een unieke wijze konden de witte plantage eigenaren en medewerkers deze gesprekken niet volgen. Het ontwikkelen van deze taal is een vorm van verzet. Het spreken van deze taal werd door de witte overheersers verboden.

14.  Een goed voorbeeld hiervan is de opname van de ingi-winti (geesten van de inheemsen) en bakra winti (geest van de Hollanders) in het winti pantheon.

15.  Dit werd bevestigd in gesprekken die ik door de jaren heen met wintipriesteres Marian Markelo heb gehad. Net als het spreken van Sranan Tongo is winti lang verboden geweest (tot 1971!).

16.   In het najaar van 2019 zou ik me bij hen voegen om gezamenlijk de tentoonstelling ‘Alakondre, wi tru fesi‘ te cureren. (Readytex Art Gallery is de grootste kunstgalerie in het Caraïbische gebied, gevestigd in Paramaribo met de kunstenaars afkomstig uit alle windstreken.) Covid gooide roet in het eten, ik kon niet naar Suriname afreizen. Omdat het begrip alakondre en het genre zelfportret dat ik daaraan koppelde zoveel synergie en inspiratie opleveren onder de kunstenaars, heb ik het project zonder mij door laten gaan. Ik hoop op een nieuwe uitnodiging om duurzaam bij te kunnen dragen aan de artistiek-inhoudelijke ontwikkelingen van de beeldende kunst in Suriname.

17.  Hierbij denk ik aan mensen zoals: Gloria Leurs, Ben Mitrasingh, Carla Tuinfort, Emile Meijer, Monique Nouh-Chaia, Cassandra Gummels-Relyveld, Alida Neslo, Marieke Visser, Laddy van Putten, G.G.T Rustwijk, Hans Lie, Frank Zichem, William Man A Hing, Myra Winter, Michiel van Kempen, Esther Schreuder, Alette Fleischer, Priscilla Tosari, Fons Geerlings, Carl Haarnack, Marie-Claire Fakkel, Lucia Nankoe, Jennifer Smit, Felix de Rooy, Barbara Martijn, Adi Martis, Michael Tedja,Sasha Dees, Ellen de Vries, Rob Perree, Remy Jungerman, Rinaldo Klas, Paul Woei, Marcel Pinas, Nola Hatterman en Jules Chin A Foeng. Deze lijst is zeker niet compleet. Excuses als jouw naam hier ook bij had moeten staan.

18.  Boskopu betekent ‘boodschap’ in het Sranan Tongo.

19.  Volkskrant, 25 februari 2021, ‘Een witte vertaler voor poëzie van Amanda Gorman: onbegrijpelijk’

20.  Na felle kritieken van voor- en tegenstanders besloot Meulenhoff de opdracht opnieuw te gunnen. Dit keer aan de talentvolle Zaïre Krieger, waarbij ik met gepaste trots kan vermelden dat zij familie is van ondergetekende.

21.  Enkele uitzonderingen daargelaten.

22.  Leeftijd noem ik hierbij specifiek omdat hierop nog volop wordt gediscrimineerd in de sector.

23.  Die tropenhelm hebben we, in figuurlijke zin, allemaal op zowel zwarte als witte mensen. Dat kan ook niet anders we zijn allemaal opgegroeid in een maatschappij doorspekt met institutioneel racisme en andere ongelijkheden. We moeten dit erkennen en gezamenlijk aanpakken.

24.  Veel curatoren vanuit Afrika, Noord- en Zuid Amerika krijgen vaak wel de kans om hun artistiek-inhoudelijke talenten in Nederland te showcasen. Want in Nederland heeft men nog steeds liever een verre vriend dan een goede buur.

25.  Op dit onrecht werd overal in de wereld geschokt gereageerd. In veel steden werden vreedzame protesten georganiseerd om de wandaad en het achterliggend institutionele racisme en misstanden aan de kaak te stellen. Ook in Nederland vonden protesten plaats georganiseerd door onder andere The Black Archives in samenwerking met andere solidaire grass-root- en zelforganisaties. Vrij snel toonde de media ook een andere kant van de protesten. Er vonden vernielingen en plunderingen plaats. Naar mijn mening waren dit niet zozeer de demonstranten, maar ‘boefjes’ die in de ontstane chaos hun kans schoon zagen om hun slag te slaan met een ‘pakkans’ die nihil was.

26.  2017, VPRO Documentaire ‘Wit is ook een kleur’, Sunny Bergman.

27.  Het doel van MBK is om musea duurzaam te verenigen in hun streven om diversiteit en inclusie daadwerkelijk te verankeren in het DNA van de verschillende organisaties. Dit wordt toegespitst op de vier p’s: Programma, Publiek, Personeel, Partners, met ruimte voor kennisuitwisseling en (zelf)reflectie. Binnen Musea Bekennen Kleur willen deze deelnemende musea samen hun inspanningen versterken en zo bijdragen aan een inclusieve wereld.

28.  Mijn ongevraagde advies aan de organisatie van Muse Bekennen Kleur zou zijn om in de volgende editie ook bestuursleden en leden van de raden van toezicht voor dit proces actief uit te nodigen.

29.  Dit is een wezenlijk verschil vergeleken met het project Interculturele Programma’s (IP) van twintig jaar geleden. De jaren dat ik daaraan werkte, kenmerkten zich door een vermoeiende worsteling met de meest basale vraag: ‘waarom?’. Dat stadium zijn we nu voorbij. Het mantra van mijn projectleider Dineke Stam echoot nog in mijn oren: “het is een proces van lange adem”, maar dat het zo lang zou duren (lees: een hele generatie), had ik niet verwacht.

30.  Persbericht MBK: ”Wij, verschillende Nederlandse erfgoedinstellingen, spreken ons collectief uit en staan op tegen institutioneel racisme en alle andere vormen van discriminatie. Daarom hebben wij ons verenigd binnen het platform Musea Bekennen Kleur en samen deze verbintenis geschreven.Hoewel verschillende erfgoedinstellingen al concrete stappen hebben genomen om de diversiteit aan bezoekers, medewerkers, kunstenaars, verhalen en perspectieven te vergroten, moeten wij toegeven dat wezenlijke inclusieve verandering is uitgebleven. Anno 2021 vormen onze collecties, tentoonstellingen en organisaties nog altijd geen goede afspiegeling van de samenleving, waardoor veel mensen zich niet herkennen en thuis voelen in onze instellingen.”

31.  Een museum, presentatie- of erfgoedinstelling kun je met een lichaam vergelijken. Als je het over diversiteit & inclusie hebt op gebied van de ‘P’ van personeel vind je de diversiteit in eerste instantie in de tenen en vingers. Dit zijn onder anderen de bewakers, conciërges en schoonmakers. Tegenwoordig is het heel woke als je een medewerker diversiteit & inclusie hebt. Deze medewerker zie ik als een hypofyse in het brein. Deze medewerker geeft signalen af en het hoofd (lees: directie) pakt dit op en implementeert dit in beleid. Naar mijn gevoel zijn we toe aan de volgende stap waarin diversiteit & inclusie een vaste plek vinden in het hoofd en het hart waar respectievelijk de beleidsmatige en inhoudelijke koers wordt bepaald.

32.  In een vroeg stadium hebben Claire van Els (conservator Stedelijk) en ik met veel zorg de longlist opgesteld. Daarna gingen andere museummedewerkers met de lijst aan de slag om te komen tot een shortlist en volgden er onderhandelingen met de bruikleengevers en een slotoordeel van een interne verwerving commissie.

33.  11-12-2020, NRC, Hans den Hartog Jager.

34.  Fufuru betekent ‘stelen’ in het Sranan Tongo.

35.  White privilege zie ik als een 100 meter sprint. De koploper kan onmogelijk de race analyseren of becommentariëren. Deze ziet de andere sprinters letterlijk en figuurlijk niet. Voor een analyse moet je bij de laatste sprinter zijn die het overzicht heeft. De koploper moet hierop vertrouwen en vooral goed luisteren.

36.  Hangschema is de wijze hoe men de werken in de zaal aan de muur hangt.

37.  Moeder aarde is de hoofdgodin van het winti pantheon. Ogri ai is het ‘boze oog’. Een yorka is een ‘ziel’ van een overleden persoon die de overgang nog moet maken naar het rijk der voorouders.

38.  Op 26-7-2021 werd deze vraag ook aan de 14-jarige Frédérique uit Amstelveen gesteld door een jongen op straat. Toen zij antwoordde: ‘wat maakt het uit’ werd ze in elkaar geslagen. Landelijk ongenoegen volgde op deze misselijke wandaad.

39.  Mannelijk en vrouwelijk heb ik altijd vreselijke termen gevonden. Misschien zijn deze wel te vervangen door bijvoorbeeld hard en zacht. Want mijn karakter is misschien zacht, maar ik voel me een Cis man.

40.  Bij de opening van Surinaamse School merkte wintipriesteres Marian Markelo in een gesprek met mij op, dat ik door middel van mijn onderzoek in feite ook aan voorouderverering deed omdat het merendeel van de kunstenaars reeds is overleden. Dit maakte diepe indruk op mij.

41.  Dit idee heb ik schaamteloos afgekeken van Cindy Kerseborn die vanuit een soortgelijke noodzaak Caraïbische schrijvers waaronder Edgar Cairo en Astrid Roemer heeft gered van de vergetelheid.

42.  (lees: Nederlandse beeldende kunstwereld, musea en presentatie instellingen)

43.  Op 22 juli 2021 ondertekenden ᴐkomfo (Winti priesteres) nana Efua Markelo en baba Kenneth Vers Babel, (Afro theoloog/Geestelijk Verzorger) de notariële oprichtingsakte van het Nationaal Winti Instituut  NIRASԐ. De belangrijkste doelstelling van NIRASԐ is de rehabilitatie en reparatie van de negatieve beeldvorming over Winti, die actief werd gecreëerd door de christelijke kerk en de koloniale overheid. Veel Afro-Surinamers zijn zich niet bewust van de authenticiteit, helende kracht, diepgang en schoonheid van de spirituele inzichten van de Afrikaanse gran bigisma (voorouders),” schrijven de oprichters in hun persbericht.

44.  Dat Nederland in deze ontwikkelingen achter loopt is geen verrassing. In vergelijking met andere Europese landen en de Verenigde Staten was Nederland ook rijkelijk laat met het afschaffen van de transatlantische slavenhandel en een van de laatste Europese landen die de slavernij in zijn totaliteit afschafte. De oprispingen met betrekking tot de zwarte pieten discussie en het weren van (zwarte) vluchtelingen zijn symptomen van deze achterstandspositie en het holle begrip ’tolerantie’ dat eerder neigt naar onverschilligheid.

45.  Dit is een referentie naar het koloniale slavernijverleden van Suriname waarin de zoektocht naar de mythische gouden stad ‘Eldorado’ een belangrijke rol speelde. Eldorado bleek echter onvindbaar.

46.  Dit zijn de laatste zinnen van de inaugurele rede van Amanda Gorman in de vertaling van Zaïre Krieger.


[1] Boskopu betekent ‘boodschap’ in het Sranan Tongo, een Surinaamse taal.

[2] Alakondre betekent ‘(van) alle landen’ in het Sranan Tongo.

[3] Jeje betekent ‘ziel’ in het Sranan Tongo.

[4] The exhibition Surinamese School (11-12-2020 – 31-5-2021) was a celebration of Surinamese painting in all its diversity and depth held in the Stedelijk Museum Amsterdam. Presenting over 100 artworks by 35 artists, Surinamese School explored the key themes and narratives at the heart of Surinamese painting from 1910 to the mid-1980s. Depictions of Surinamese history, spirituality and everyday life, alongside forays into abstraction, and social change, gave shape to artistic developments.

[5] Het curatoren team bestond uit drie mensen werkzaam bij het Stedelijk Museum: Claire van Els (conservator), Carlien Lammers (Diversiteit & Inclusie), Inez Blanca van der Scheer (Studio i) aangevuld met vier externe curatoren: Ellen de Vries (publicist en biograaf Nola Hatterman), Jessica de Abreu & Mitchell Esajas (Initiatiefnemers van The Black Archives) en ondergetekende, Bart Krieger (publicist en onafhankelijk kunsthistorisch onderzoeker en oprichter Kunst Toko BAM!).

[6] Deze gevleugelde uitspraak leen ik van Wayne Modest, director of Content for the National Museum of World Cultures and the Wereldmuseum, Rotterdam and head of the Research Center of Material Culture, die deze uitspraak deed in de mini docu ‘Kirchner en Nolde: Expressionisme. Kolonialisme in het Stedelijk Museum.

[7] Dit lijkt haaks te staan op de beweging die Surinaamse kunst juist wil losscheuren van het Eurocentrisme en wil contextualiseren in de eigen Caribische regio. In mijn visie is dit een dubbelzijdig mes. Hiermee bedoel ik dat je twee soorten activisme nodig hebt om voorwaarts te gaan: Activisme dat (ver)breekt en activisme dat (ver)bindt.

[8] In nog niet afgerond onderzoek van het Stedelijk Museum lijkt de publieke waardering van Surinaamse School zich te bewegen richting ‘bovengemiddeld goed’.

[9] Winti is is een traditionele AfroSurinaamse religie en levensfilosofie. Ten tijde van de transatlantische slavernij namen de tot slaaf gemaakten afkomstig uit verschillende gebieden van West Afrika hun verschillende levensfilosofieen mee naar Suriname. Op de Surinaamse plantages werden deze religie’s doorontwikkelt tot Winti. Winti kent (nog) geen centraal gezag.

[10] Hierbij kun je denken aan bijvoorbeeld intergenerationeel overgedragen boskopus/odo’s, wintirituelen en gebruiken, anansi verhalen en liederen/gedichten.

[11] Dit begrip introduceerde Gloria Wekker in Nederland in haar publicatie ‘Witte Onschuld’.

[12] De notatiewijze van deze lijst begint met de jaartallen om het tijdsgewricht en actualiteit van dit stuk te onderstrepen. Met dank aan Quinsy Gario.

[13] Sranan Tongo is een geheimtaal die in Suriname door de tot slaaf gemaakte Afrikanen en Creolen op de plantages is ontwikkeld. Door het combineren van verschillende talen op een unieke wijze konden de witte plantage eigenaren en medewerkers deze gesprekken niet volgen. Het ontwikkelen van deze taal is een vorm van verzet. Het spreken van deze taal werd door de witte overheersers verboden.

[14] Een goed voorbeeld hiervan is de opname van de ingi-winti (geesten van de inheemsen) en bakra winti (geest van de Hollanders) in het winti pantheon.

[15] Dit werd bevestigd in gesprekken die ik door de jaren heen met wintipriesteres Marian Markelo heb gehad. Net als het spreken van Sranan Tongo is winti lang verboden geweest (tot 1971!).

[16]  In het najaar van 2019 zou ik me bij hen voegen om gezamenlijk de tentoonstelling ‘Alakondre, wi tru fesi‘ te cureren. (Readytex Art Gallery is de grootste kunstgalerie in het Caraïbische gebied, gevestigd in Paramaribo met de kunstenaars afkomstig uit alle windstreken.) Covid gooide roet in het eten, ik kon niet naar Suriname afreizen. Omdat het begrip alakondre en het genre zelfportret dat ik daaraan koppelde zoveel synergie en inspiratie opleveren onder de kunstenaars, heb ik het project zonder mij door laten gaan. Ik hoop op een nieuwe uitnodiging om duurzaam bij te kunnen dragen aan de artistiek-inhoudelijke ontwikkelingen van de beeldende kunst in Suriname.

[17] Hierbij denk ik aan mensen zoals: Gloria Leurs, Ben Mitrasingh, Carla Tuinfort, Emile Meijer, Monique Nouh-Chaia, Cassandra Gummels-Relyveld, Alida Neslo, Marieke Visser, Laddy van Putten, G.G.T Rustwijk, Hans Lie, Frank Zichem, William Man A Hing, Myra Winter, Michiel van Kempen, Esther Schreuder, Alette Fleischer, Priscilla Tosari, Fons Geerlings, Carl Haarnack, Marie-Claire Fakkel, Lucia Nankoe, Jennifer Smit, Felix de Rooy, Barbara Martijn, Adi Martis, Michael Tedja,Sasha Dees, Ellen de Vries, Rob Perree, Remy Jungerman, Rinaldo Klas, Paul Woei, Marcel Pinas, Nola Hatterman en Jules Chin A Foeng. Deze lijst is zeker niet compleet. Excuses als jouw naam hier ook bij had moeten staan.

[18] Boskopu betekent ‘boodschap’ in het Sranan Tongo.

[19] Volkskrant, 25 februari 2021, ‘Een witte vertaler voor poëzie van Amanda Gorman: onbegrijpelijk’

[20] Na felle kritieken van voor- en tegenstanders besloot Meulenhoff de opdracht opnieuw te gunnen. Dit keer aan de talentvolle Zaïre Krieger, waarbij ik met gepaste trots kan vermelden dat zij familie is van ondergetekende.

[21] Enkele uitzonderingen daargelaten.

[22] Leeftijd noem ik hierbij specifiek omdat hierop nog volop wordt gediscrimineerd in de sector.

[23] Die tropenhelm hebben we, in figuurlijke zin, allemaal op zowel zwarte als witte mensen. Dat kan ook niet anders we zijn allemaal opgegroeid in een maatschappij doorspekt met institutioneel racisme en andere ongelijkheden. We moeten dit erkennen en gezamenlijk aanpakken.

[24] Veel curatoren vanuit Afrika, Noord- en Zuid Amerika krijgen vaak wel de kans om hun artistiek-inhoudelijke talenten in Nederland te showcasen. Want in Nederland heeft men nog steeds liever een verre vriend dan een goede buur.

[25] Op dit onrecht werd overal in de wereld geschokt gereageerd. In veel steden werden vreedzame protesten georganiseerd om de wandaad en het achterliggend institutionele racisme en misstanden aan de kaak te stellen. Ook in Nederland vonden protesten plaats georganiseerd door onder andere The Black Archives in samenwerking met andere solidaire grass-root- en zelforganisaties. Vrij snel toonde de media ook een andere kant van de protesten. Er vonden vernielingen en plunderingen plaats. Naar mijn mening waren dit niet zozeer de demonstranten, maar ‘boefjes’ die in de ontstane chaos hun kans schoon zagen om hun slag te slaan met een ‘pakkans’ die nihil was.

[26] 2017, VPRO Documentaire ‘Wit is ook een kleur’, Sunny Bergman.

[27] Het doel van MBK is om musea duurzaam te verenigen in hun streven om diversiteit en inclusie daadwerkelijk te verankeren in het DNA van de verschillende organisaties. Dit wordt toegespitst op de vier p’s: Programma, Publiek, Personeel, Partners, met ruimte voor kennisuitwisseling en (zelf)reflectie. Binnen Musea Bekennen Kleur willen deze deelnemende musea samen hun inspanningen versterken en zo bijdragen aan een inclusieve wereld.

[28] Mijn ongevraagde advies aan de organisatie van Muse Bekennen Kleur zou zijn om in de volgende editie ook bestuursleden en leden van de raden van toezicht voor dit proces actief uit te nodigen.

[29] Dit is een wezenlijk verschil vergeleken met het project Interculturele Programma’s (IP) van twintig jaar geleden. De jaren dat ik daaraan werkte, kenmerkten zich door een vermoeiende worsteling met de meest basale vraag: ‘waarom?’. Dat stadium zijn we nu voorbij. Het mantra van mijn projectleider Dineke Stam echoot nog in mijn oren: “het is een proces van lange adem”, maar dat het zo lang zou duren (lees: een hele generatie), had ik niet verwacht.

[30] Persbericht MBK: ”Wij, verschillende Nederlandse erfgoedinstellingen, spreken ons collectief uit en staan op tegen institutioneel racisme en alle andere vormen van discriminatie. Daarom hebben wij ons verenigd binnen het platform Musea Bekennen Kleur en samen deze verbintenis geschreven.Hoewel verschillende erfgoedinstellingen al concrete stappen hebben genomen om de diversiteit aan bezoekers, medewerkers, kunstenaars, verhalen en perspectieven te vergroten, moeten wij toegeven dat wezenlijke inclusieve verandering is uitgebleven. Anno 2021 vormen onze collecties, tentoonstellingen en organisaties nog altijd geen goede afspiegeling van de samenleving, waardoor veel mensen zich niet herkennen en thuis voelen in onze instellingen.”

[31] Een museum, presentatie- of erfgoedinstelling kun je met een lichaam vergelijken. Als je het over diversiteit & inclusie hebt op gebied van de ‘P’ van personeel vind je de diversiteit in eerste instantie in de tenen en vingers. Dit zijn onder anderen de bewakers, conciërges en schoonmakers. Tegenwoordig is het heel woke als je een medewerker diversiteit & inclusie hebt. Deze medewerker zie ik als een hypofyse in het brein. Deze medewerker geeft signalen af en het hoofd (lees: directie) pakt dit op en implementeert dit in beleid. Naar mijn gevoel zijn we toe aan de volgende stap waarin diversiteit & inclusie een vaste plek vinden in het hoofd en het hart waar respectievelijk de beleidsmatige en inhoudelijke koers wordt bepaald.

[32] In een vroeg stadium hebben Claire van Els (conservator Stedelijk) en ik met veel zorg de longlist opgesteld. Daarna gingen andere museummedewerkers met de lijst aan de slag om te komen tot een shortlist en volgden er onderhandelingen met de bruikleengevers en een slotoordeel van een interne verwerving commissie.

[33] 11-12-2020, NRC, Hans den Hartog Jager.

[34] Fufuru betekent ‘stelen’ in het Sranan Tongo.

[35] White privilege zie ik als een 100 meter sprint. De koploper kan onmogelijk de race analyseren of becommentariëren. Deze ziet de andere sprinters letterlijk en figuurlijk niet. Voor een analyse moet je bij de laatste sprinter zijn die het overzicht heeft. De koploper moet hierop vertrouwen en vooral goed luisteren.

[36] Hangschema is de wijze hoe men de werken in de zaal aan de muur hangt.

[37] Moeder aarde is de hoofdgodin van het winti pantheon. Ogri ai is het ‘boze oog’. Een yorka is een ‘ziel’ van een overleden persoon die de overgang nog moet maken naar het rijk der voorouders.

[38] Op 26-7-2021 werd deze vraag ook aan de 14-jarige Frédérique uit Amstelveen gesteld door een jongen op straat. Toen zij antwoordde: ‘wat maakt het uit’ werd ze in elkaar geslagen. Landelijk ongenoegen volgde op deze misselijke wandaad.

[39] Mannelijk en vrouwelijk heb ik altijd vreselijke termen gevonden. Misschien zijn deze wel te vervangen door bijvoorbeeld hard en zacht. Want mijn karakter is misschien zacht, maar ik voel me een Cis man.

[40] Bij de opening van Surinaamse School merkte wintipriesteres Marian Markelo in een gesprek met mij op, dat ik door middel van mijn onderzoek in feite ook aan voorouderverering deed omdat het merendeel van de kunstenaars reeds is overleden. Dit maakte diepe indruk op mij.

[41] Dit idee heb ik schaamteloos afgekeken van Cindy Kerseborn die vanuit een soortgelijke noodzaak Caraïbische schrijvers waaronder Edgar Cairo en Astrid Roemer heeft gered van de vergetelheid.

[42] (lees: Nederlandse beeldende kunstwereld, musea en presentatie instellingen)

[43] Op 22 juli 2021 ondertekenden ᴐkomfo (Winti priesteres) nana Efua Markelo en baba Kenneth Vers Babel, (Afro theoloog/Geestelijk Verzorger) de notariële oprichtingsakte van het Nationaal Winti Instituut  NIRASԐ. De belangrijkste doelstelling van NIRASԐ is de rehabilitatie en reparatie van de negatieve beeldvorming over Winti, die actief werd gecreëerd door de christelijke kerk en de koloniale overheid. Veel Afro-Surinamers zijn zich niet bewust van de authenticiteit, helende kracht, diepgang en schoonheid van de spirituele inzichten van de Afrikaanse gran bigisma (voorouders),” schrijven de oprichters in hun persbericht.

[44] Dat Nederland in deze ontwikkelingen achter loopt is geen verrassing. In vergelijking met andere Europese landen en de Verenigde Staten was Nederland ook rijkelijk laat met het afschaffen van de transatlantische slavenhandel en een van de laatste Europese landen die de slavernij in zijn totaliteit afschafte. De oprispingen met betrekking tot de zwarte pieten discussie en het weren van (zwarte) vluchtelingen zijn symptomen van deze achterstandspositie en het holle begrip ’tolerantie’ dat eerder neigt naar onverschilligheid.

[45] Dit is een referentie naar het koloniale slavernijverleden van Suriname waarin de zoektocht naar de mythische gouden stad ‘Eldorado’ een belangrijke rol speelde. Eldorado bleek echter onvindbaar.

[46] Dit zijn de laatste zinnen van de inaugurele rede van Amanda Gorman in de vertaling van Zaïre Krieger.

[a]@tyneisha@live.nl svp het zwarte kader afknippen!

_Assigned to tyneisha@live.nl_